09/07/2024
Onderzoek emulgatoren voor levensmiddelen en het risico op hart- en vaatziekten in het Nutrinet Santé prospectieve cohortstudie, gepubliceerd op 6 september 2023.
Doelstelling: het beoordelen van de associaties tussen blootstelling aan emulgatoren van voedseladditieven en het risico op hart- en vaatziekten (HVZ)
Resultaten: Deelnemers: 95.442 volwassenen (ouder dan 18) zonder voorkomende HVZ, die tijdens de eerste twee jaar van de follow up ten minste drie 24-uurs dieetdossier hebben ingevuld. De gemiddelde leeftijd was 43,12 jaar (SD 14,5) en 79% van de deelnemers was vrouw. Tijdens de follow-up zijn in 1995 gevallen van CVD, 1044 gevallen van coronaire hartziekte en 974 gevallen van cerebrovasculaire ziekte gediagnostiseerd.
Een hogere inname van cellulose (E 460-E468) bleek positief geassocieerd te zijn met hogere risico op HVZ en coronaire hartziekten. Er is ook een hogere inname van carboxymethylcellulose (E 466) geassocieerd met hogere risico' op HVZ en coronaire hartziekten. Bovendien is een hogere inname van monoglyceriden en diglyceriden van vetzuren (E471 en E 472) in verband gebracht met hogere risico' op alle uitkomsten. Van deze emulgatoren is de melkzuurester van monoglyceriden en diglyceriden van vetzuren (E 473b) geassocieerd met hogere risico' op HVZ en cerebovasculaire aandoeningen. Citroenesters van mono- en diglyceriden van vetzuren (E 472c) is geassocieerd met hogere risico' op HVZ en cioronaire hartziekten. Een hogere inname van trinatriumfosfaat (E339) ging gepaard met een verhoogd risico op coronaire hartziekten. Gevoeligheidsanalyses lieten consistente associaties zien.
Conclusie: Deze studie laat zien dat er positieve associaties op HVZ zijn tussen vijf individuele en twee groepen emulgatoren voor levensmiddelenadditieven die veel worden gebruikt in de industriële voedingsmiddelen.
Emulgatoren
In Europa en Noord-Amerika wordt tussen de 30 en 60% van de energie-inname via voeding bij volwassenen geleverd door ultra bewerkte voedingsmiddelen. Dat zijn sterk bewerkte (verhitte) producten die vaak zijn samengesteld met behulp van cosmetische voedseladditieven en ingrediënten die zelden in een keuken worden gebruikt, wat in het verleden tot aanzienlijke interesses heeft geleid. Recente epidemiologische studies hebben een hoge inname van ultra bewerkt voedsel in verband gebracht met hogere risico' op zwaarlijvigheid en sterfte en op niet overdraagbare ziekten zoals kanker, HVZ en diabetes type 2.4. Dit komt door de potentieel schadelijke eigenschappen van sommige voedseladditieven die alomtegenwoordig gebruikt worden in ultrabewerkte voedingsmiddelen.
Met name emulgatoren behoren tot de veel gebruikte additieven vanwege hun emulgerende en verdikkende eigenschappen, die de textuur verbeteren en de houdbaarheid verlengen.
Er is geen wereldwijde schatting van het gebruik van emulgatoren, maar een prospectief cohortonderzoek van Nutrinet-Santé onthult dat de zeven van de tien meest geconsumeerde voedingsadditieven onder Franse volwassenen behoren tot de emulgatoren: totaal gemodificeerd zetmeel, lecithinen, xanthaangom, pectines, mono- en diglyceriden van vetzuren, carrageen en guargom.
Gemodificeerd zetmeel, bijvoorbeeld, ging door de kelen van 90% van alle deelnemers aan dit onderzoek. Bijna 54% van de industriële voedingsmiddelen- en drankenproducten bevat tenminste één emulgator. beweert althans Open Foodfacts dat data verzameld van over heel de wereld. De grote cohortstudie van NutriNet-Santé verzamelde gedetailleerde informatie over specifieke commerciële merken van geconsumeerd industrieel voedsel en voerde een schatting uit van de kwantitatieve blootstelling aan individuele voedseladditieven, zoals emulgatoren, onder meer dan 100.000 Franse volwassenen. Dit werk is van belang om hypothese4s te genereren over de rol van voedseladditieven op de gezondheidsresultaten op de lange termijn. Die studie beoordeelde de associatie tussen de inname van emulgatoren en het risico op HVZ onder Franse volwassenen. Deze studie was gebaseerd op een eerder onderzoek van NutriNet-Santé in 2009. Deelnemers zijn gerekruteerd uit de algemene populatie van Franse volwassenen via multimedia campagnes. Deelnemers moesten een persoonlijk account maken bij NutriNet-Santé. Ze moesten vijf vragenlijsten invullen over zaken als voedingsinname, gezondheid (familieziekten?), antromopetische gegevens (lengte, gewicht), fysieke activiteit, levensstijl en sociodemografische gegevens (opleiding, geslacht, beroepsgroep, rookstatus, aantal kinderen.
De gebruikelijke inname via de voeding is beoordeeld bij de opname en daarna elke zes maanden, met behulp van herhaalde sets van drie niet-opeenvolgende webgebaseerde 24-uurs voedingsgegevens, willekeurig toegewezen over een periode van twee weken.
De 24-uursgegevens hebben goede resultaten laten zien bij interviews door getrainde diëtisten en tegen bloed- en urinemarkers die passende schattingen vertoonde van de werkelijk inname van fruit, groente, vis, betacarroteen, vitamine C en kalium.
Om de inname van additieven te bepalen, hebben tijdens de dieetregistratieperiode de deelnemers altijd toegang gehad tot een speciale interface van de onderzoekswebsite om alle voedingsmiddelen en dranken te rapporteren die in 24 uur zijn geconsumeerd bij drie hoofdmaaltijden en elke andere eetgelegenheid. De voedingsbeoordelingen omvatten details van commerciële namen en merken van industriële producten.
Deelnemers is gevraagd de grootte van de porties te schatten door gewicht en volume op het platform in te voeren of door gevalideerde foto' of gebruikelijke containers te gebruiken. Een Franse database is gebruikt om de gemiddelde dagelijkse inname te schatten van energie, alcohol,macro- en micronutriënten. Het ging daarbij om samengestelde gerechten op basis van Franse recepten. Wie te weinig opgaf is op basis van de Black-methode uitgesloten. Ook over-rapportage is onderzocht.
Onder de beschikbare voedingsadditieven gekwantificeerd uit de voedingsgegevens van de deelnemers, zijn 61 additieven geïdentificeerd als emulgator of emulgerende zouten uit de 261
additieven onder de functionele klasse emulgatoren of emulgerend zout van de Codex General Standard for Food Additives-database, 32 volgens Amerikaanse of Britse regelgeving, als die niet in
de codex opgenomen waren, (E 404, E 418, E 468) en beschouwd als de som van de inname als de inname van de totale emulgatoren.
Individuele emulgatoren met vergelijkbare chemische structuren zijn in acht groepen samengevat
Totaal fosfaten E 339, E 340, E 341, E343, E450, E 451, E 452.
Totaal lactylaten E 481 en E 482
Totaal polyglycerol esters van vetzuren: E 475 en E 476
Totaal mono- en diglyceriden van vetzuren: E 471, E 472, E 472 a-b-c-e
Totaal cellulose: E 460, E 461, E464, E 466, E 468
Totaal carrageen: E 407 en E 407a
Totaal alginaten: ´400, E 401, E 402, E404, E 405
Totaal gemodificeerd zetmeel generieke EU-code E 14xx
De belangrijkste bijdragers aan de totale inname: Gemodificeerd zetmeel E 14xx (33,5%) natriumcarbonaat E 500 (26,9%) Pectines E 440 (6,4%) difosfaten E 450 (5,1%) mono- en diglyceriden van vetzuren E 471 (5%)
Een aantal emulgatoren zijn verder niet bij het onderzoek betrokken omdat ze weinig geconsumeerd worden: E332, E335, E343, E 400, E 402, E 404, E 405, E 406, E 418, E425, E 433, E 435, E 444, E445, E541, E 551, E 461, E 464, E 468, E 472, E 472a, E 473, E 477, E 482, E 491, E 492, E 900, E965, E 967, E 999, E 1505 en E1520. Ze droegen wel bij aan de som van de totale emulgatoren.
Emulgatoren treffen we vooral aan bij: Bewerkt fruit en groente (gedehydrateerde soepen) (18,8 % van de totale inname van emulgatoren) Cakes en koekjes (14,7%) Zuivelproducten ( 9,9%)
De belangrijkste voedselbronnen van totale cellulosen waren cakes en koekjes, verwerkte aardappelen en knollen.
Mono-en diglyceriden van vetzuren treffen we veel aan in mayonaise en taarten en koekjes.
Er zijn tijdens het onderzoek tussen 2009 en 2021 1995 incidenten gediagnostiseerd waaronder 1044 coronaire hartziekten en 974 cerebrovasculaire aandoeningen.
Een hogere inname van totale cellulose (E460-E468) gaat gepaard met hogere risico' op HVZ en coronaire hartziekten, met name ´460. Een hogere inname van carboxymethylcellulose E 466 leidt
took ot een hoger risico op HVZ. Hogere innames van totale mono- en diglyceriden van vetzuren E471 en E472 leiden tot hogere risico's op HVZ, coronaire hartziekten en cerebrovasculaire
aandoeningen.. Ook melkzuurester van mono- en diglyceriden van vetzuren E 472b, leiden ook tot hoger HVZ risico en cerebrovaculaire aandoeningen. Dat geldt ook voor citroenzuuresters van mono- en diglyceriden van vetzuren E472c en tenslotte ook E339, trinatriumfosfaat, ook.
De EFSA beoordeelt regelmatig de veiligheid van emulgatoren, net als bij andere voedseladditieven om te komen tot aanvaardbare dagelijkse innames op basis van wetenschappelijk bewijsmateriaal.
In al deze gevallen vindt deze Europese Autoriteit het niet nodig om een veilige dagelijkse inname vast te stellen. Het NutriNet-Santé onderzoek geeft aan dat daar wel degelijk behoefte aan is en ook aan aanzienlijk meer evaluaties ter beoordeling van de veiligheid bij langdurige inname.
Het lijkt weinig, het aantal vastgestelde associaties, toch zijn de bevindingen belangrijk vanwege de complicaties voor de volksgezondheid. Als er 1995 gezondheidsincidenten zijn vastgesteld op 95442 deelnemers, is dat 2.08 procent. Op een bevolking van 17 miljoen (Nederland), komen we op ruim 35000 incidenten. Aangezien de emulgatoren wij wijdverbreid gebruikt worden in duizenden ultrabewerkte voedselproducten, is het aannemelijk dat er in de praktijk veel vaker een relatie kan zijn tussen emulgatoren en HVZ.
Het is zaak om het gebruik ervan te her-evalueren om de consument te beschermen.
Meewerkende wetenschappers:
Laury Sellem, postdoctoraal wetenschapper1
Bernard Srout, junior professor1
Guillaume Javaux, statisticus1
Eloi Chazelas, postdoctoraal wetenschapper1
benoit Chassaing, senior wetenschapper2
Emilie Viennois, wetenschapper3
Charlotte Debras, postdoctoraal wetenschapper1
Clara Salamé,Postdoctoraal wetenschapper1
Nathalie Duesne-Pecollo, operationeel coordinator1
Younes Esseddik, computerwetenschapper1
Fabien Szabo de Edenlenyi, Hoofdstatisticus1
Cedric Agaësse, Hoofddiëtist1
Alexandre de Sa, diëtist1
Rebecca Lutchia, diëtist1
Erwan Louveau, afgestudeerd student1
Inge Huybrechts, senior wetenschapper4
Fabrice Pierre, senior wetenschapper5
Xavier Choumout, professor6
Léopold Fezeu, universitair hoofddocent1
Chantal Julia, professor17
Emmanuelle Kesse Guyot, senior wetenschapper1
Benjamin Allès, wetenschapper1
Filar Fgalan, senior wetenschapper1
Serge Hercberg, professor 17
Mélanie Desachasaux-Tanguy, wetenschapper1
Mathilde Touvier, senior wetenschapper1
En verder nog tientallen computerwetenschappers en datamanagers.
De beperkingen van dit onderzoek zijn: het hoge aantal vrouwelijke deelnemers, de hogere opleidingsachtergrond en daarmee de het algemeen gezondheidsbewuste gedrag. Die samenstelling
komt doordat het meedoen is gebaseerd op vrijwilligheid. (Franse) vrouwen hebben doorgaans een gezonder eetpatroon dan mannen. Soortgelijke Amerikaanse en Noorse onderzoeken laten dat beeld
overigens ook zien. Er zijn uitgebreide gegevens beschikbaar over de CVD van dit onderzoek, dat wil zeggen dat als er beperkingen of onvolkomenheden in het onderzoek zijn geweest, deze zijn erkend.